|












| |
Patiënten die dialyseren moeten ontzettend op hun voeding letten, maar op de
vraag ‘Eet u buitenshuis?’ blijkt dat 32 (61,5 procent) dat doen. Van deze
personen eet 44,3 procent op andere plaatsen dan bij familieleden en vrienden.
Van deze geënquêteerden hadden 32 (61,5 procent) suikerziekte. De grootste groep
waren de hindostanen. 11 (73,3 procent) van de vijftien geënquêteerde
hindostanen gaven toe suikerziekte te hebben. Wat hoge bloeddruk betreft waren
er in totaal 28 (53,8 procent) personen. Vijf (50,0 procent) van de tien creolen
gaven dit toe. Ter afronding van het vak Voeding en gezondheid moesten de MO-A
Biologie studenten
van het Instituut voor Opleiding van Leraren (IOL) een praktisch onderzoek doen.
De studente Anouschka Ashruf koos voor het onderwerp ‘Nierziekten, dialyse en
voeding’.
De nieren
De nieren zijn een compact orgaan van fijne buizen en een ingewikkeld netwerk
van bloedcappilairen (haarvaten) (11). Ze zijn gelegen in de buikholte achter
het buikvlies, links en rechts van de ruggegraat. Ze zijn boonvormig, met de
holle kant naar het midden wijzend. Menselijke nieren zijn 10-13 cm lang, 5 cm
dik en wegen ieder ca. 150 gram (1).
Op de bovenste polen der nieren rusten als een kapje de bijnieren, eentje links
en eentje rechts. De bijnieren hebben niets met de nieren als zodanig te maken.
Het zijn klieren met een inwendige secretie (15).
De nier vervult drie belangrijke functies, namelijk (3, 15):
- Verwijderen van afvalstoffen, die worden uitgescheiden met de urine
- Regelen van het vochtgehalte en de concentratie van de opgeloste zouten
- Produceren van hormonen
Bij nierziekten kunnen deze functies echter in gevaar komen.
Nierziekten
Enkele nierziekten kunnen zijn: Hoge urineweginfectie (2), nierstenen (2),
nefritis (2), diabetesnephropathie (12) en niertumoren (6)
- Een urineweginfectie is de verzamelnaam voor alle infecties die betrekking
hebben op de urinewegen: nier, nierkelk, ureter, blaas (blaasontsteking) en
urethra (urethritis). Omdat de toegang tot de urinewegen anatomisch gesloten is,
is de inhoud ervan steriel. Diverse barrières beschermen tegen binnentreden van
micro-organismen; de urinestroom verwijdert eventuele aanwezigheid van bacteriën
in de urethra. Dit kan veranderen door binnenkomst van micro-organismen van
buitenaf, zoals kan gebeuren door catheterisatie van de blaas. Ook is de
binnenkant van de blaas beschermd tegen micro-organismen door afgifte van
afweerstoffen door het slijmvlies. De overgang van de ureter (buis tussen nier
en blaas) in de blaas is van een klepmechanisme voorzien, waardoor de urine niet
kan terugkeren vanuit blaas naar nierkelk. Als dit mechanisme faalt, spreekt men
van vesico-ureterale reflux. Dit kan een nierbekkenontsteking tot gevolg hebben.
Maar ook vanuit de bloedbaan kunnen micro-organismen in de urinewegen
terechtkomen. Dit kan leiden tot ontsteking rondom de nier (nierkarbunkel)
(5).-Nierstenen, ook wel renale calculi, zijn dichte concentraties van opgeloste
mineralen in de urine. Calculi wordt aan de binnenkant van de nieren of de blaas
gevormd (13).
Urine kan onder bepaalde omstandigheden (over)verzadigd zijn met bepaalde
oplosbare stoffen, die daaruit soms neerslaan in de vorm van kristallen. Die
kristallen kunnen soms groot genoeg worden om obstructies te vormen of andere
klachten te veroorzaken in de urinewegen. Afhankelijk van de plaats waar de
steen zich bevindt, spreekt men van nierstenen, ureterstenen of blaasstenen.
Medische termen zijn nefrolithiasis (niersteen) of urolithiasis (urinewegsteen).
Nierstenen kunnen in grootte variëren. Er kunnen nierstenen zijn met de grootte
van een zandkorrel en met de grootte van een kastanje. De klachten zijn ook
afhankelijk van de grootte van de nierstenen. Als de kleinere stenen losraken,
komen ze uit de nier en in de urineleider tussen de nier en de blaas terecht.
Dit kan leiden tot (vaak zeer hevige) pijn, vaak van krampend karakter (koliekpijn),
in de rug, de lendenen, de buik en de lies, afhankelijk van de plaats van de
steen, ook vaak met uitstraling langs dit traject, omhoog of omlaag. Bij mannen
treedt vaak ook uitstraling naar de penis of het scrotum op, bij vrouwen naar de
grote schaamlippen. Grote stenen blijven vaak symptoomloos, maar kunnen een
schuilplaats worden voor bacteriën, met recidiverende urineweginfecties tot
gevolg, of kunnen leiden tot verstopping van een afvoersysteem.
Er is bij niersteenkolieken bijna altijd ook (microscopisch of macroscopisch)
bloed in de urine aantoonbaar (hematurie). Als de steen eenmaal in de blaas is,
is het leed geleden. Het uitplassen via de plasbuis gaat vaak ongemerkt. De
steen wordt vaak spontaan geloosd na een aantal uren of dagen. Gebeurt dat niet
of treedt er langdurige stuwing of infectie op, dan zal er vaak moeten worden
ingegrepen (2).
- Nefritis is een ontsteking van één of beide nieren. De ontsteking kan door
vele verschillende condities worden veroorzaakt. De oorzaken van nefritis (of
acuut nefritisch syndroom) is verschillend bij zowel volwassenen als kinderen.
Eén van het gemeenschappelijkst, vooral bij kinderen, is besmetting met de
streptococcen bacteriën. Dit leidt tot een immune reactie die de filtrerende
eenheden van de nier, meer bekend als glumeruli, beschadigt. Deze conditie wordt
genoemd post-streptococcen glomerulonefritis (14). Andere oorzaken die vaker bij
kinderen worden gezien dan bij volwassenen, omvatten vaker purpura
henoch-Schönlein (een ontsteking van het bloedvat dat door een abnormale immune
reactie wordt veroorzaakt) en haemolytic-uraemic syndroom (14).
Het nefritis is een ernstige medische conditie die de negende doodsoorzaak bij
mensen is. Aangezien de nieren ontsteken, beginnen zij de nodige eiwitten van
het lichaam in de urinestroom af te scheiden. Dit wordt genoemd proteinuria. Het
verlies van noodzakelijke eiwitten, als gevolg van nefritis kan
levensgevaarlijke symptomen met zich meebrengen. Het gevaarlijkst bij nefritis
is het verlies van eiwitten die moeten voorkomen dat bloed gaat klonteren. Als
deze eiwitten dus verloren gaan, kunnen er bloedstolsels optreden in de
bloedbaan. Het gevolg hiervan is dat het bloed niet vrij kan stromen in het
bloedvat, omdat er bloedstolsels in zitten. Er stroomt dus niet genoeg bloed
door het lichaam en het hart moet harder werken om het bloed door de vaten te
pompen. Het gevolg is dat er een hartaanval kan optreden (14).
Nefritis heeft ook additionele problemen, zoals het vasthouden van water,
wanneer de nieren niet goed functioneren en het water niet kunnen verwijderen.
Waterbehoud of oedeem kan verder zorgen voor het zwellen van de voeten, de
enkels, de benen, en de handen. Dit secundaire symptoom wordt gewoonlijk
behandeld met diureticum (14).
-Diabetes nefropathie is de nierziekte die optreedt als resultaat van diabetes.
Diabetes mellitus, ofwel suikerziekte, is een veel voorkomende aandoening die
wordt veroorzaakt doordat de pancreas (= alvleesklier) te weinig of helemaal
geen insuline produceert. Het gevolg hiervan is een geringe opname van glucose,
zowel door de cellen die glucose voor energie nodig hebben als door de lever die
glucose moet opslaan. Hierdoor ontstaat een hoog glucosegehalte in bloed (5). Er
bestaan twee hoofdtypen van deze ziekte, die worden aangeduid met de termen type
I en type II. Type I is de insuline-afhankelijke vorm die zich vaak op zeer
jeugdige leeftijd manifesteert. Type II is de insuline-onafhankelijke vorm, die
zich meestal pas op oudere leeftijd openbaart. Alle vormen van diabetes
veroorzaken dezelfde hoofdsymptomen. Er worden veel grotere hoeveelheden urine
geloosd dan normaal en het kan zijn dat men dag en nacht ongeveer om het uur
moet urineren. Dit komt omdat het teveel aan glucose in het bloed overloopt in
de urine, waardoor meer water nodig is om het te verwijderen .
Na vele jaren diabetespatiënt te zijn, kan het gevoelige filtrerende systeem in
de nier vernietigd raken. Er kan lekkage optreden, waardoor grote eiwitten die
in het bloed voorkomen, zoals albumine met de urine kunnen vrijkomen. Hierdoor
gaan de eiwitten dus verloren. Dit zal eerder voorkomen als de bloedsuiker
slecht gecontroleerd is (12).
Nierfalen
Nierfalen of nierinsufficiëntie is de situatie die ontstaat als de nieren niet
meer, of nauwelijks meer, werken. Dit heeft gevolgen voor vrijwel alle functies
die normaal door een gezonde nier werden geregeld, zoals: urineproductie,
zuivering van het bloed van afvalstoffen van het metabolisme (onder andere ureum),
het zuur-base evenwicht van het lichaam, de hormonale regulering van de
bloeddruk, de hoeveelheid water in het lichaam, de concentratie van allerlei
elektrolieten in het bloed, de aanmaak van rode bloedcellen (4).
In de wetenschap van de fysioglogie wordt nierfalen beschreven als daling van de
snelheid van de glomerulare filtratie. Als de nieren defect zijn vinden er
abnormale niveaus plaats van de lichaamsvloeistoffen, zoals:
-in de war gebrachte zuurstofniveaus, doordat er geen waterstofionen meer kunnen
worden weggewerkt met de urine.
- abnormale niveaus van kalium, calcium, fosfaat, hematurie (bloed in de urine).
In het verleden leidde dit syndroom onvermijdelijk tot de dood. De fatale afloop
kon wat worden uitgesteld door een strict dieet, met vochtbeperking en
voedselsoorten die weinig afvalstoffen produceerden (8).
Acuut nierfalen treedt per definitie plotseling op en is vaak toe te schrijven
aan tijdelijke problemen met de circulatie van de nieren. Acuut nierfalen kan
zich voordoen na een gecompliceerde operatie, bij ernstige verwondingen, gebruik
van bepaalde geneesmiddelen, infectieziektes of wanneer bloedvaten bij de nieren
geblokkeerd of ontstoken raken. Dit is veelal te genezen (9).
Als de nierfunctie geleidelijk aan vermindert of tenslotte zelfs definitief
uitvalt, spreekt men van een chronische nierziekte, chronische
nierinsufficiëntie of chronisch nierfalen. Klachten ontstaan vaak pas wanneer de
nierfunctie is afgenomen tot minder dan 25 procent van de normale capaciteit.
Hoge bloeddruk, vaatziekten en diabetes vormen de meest voorkomende oorzaken van
chronisch nierfalen (9).
Gelet op het verschil tussen chronisch- en acuut nierfalen kan het volgende
gezegd worden over overgenoemde nierziekten:
Hoge urineweginfectie is een vorm van acuut nierfalen, omdat het optreedt door
plotselinge infectie door bacteriën.
Niersteen is een vorm van chronisch nierfalen, omdat de stenen geleidelijk aan
gevormd worden en de symptomen daarna optreden.
Nefritis is een vorm van acuut nierfalen, omdat deze nierziekte plotseling kan
optreden door het ontstaan van een ontsteking in bijvoorbeeld een bloedvat of
met besmetting van de streptococcen bacterie.
Diabetesnephropathie is een vorm van chronisch nierfalen, omdat deze nierziekte
pas kan optreden na jarenlang diabetespatiënt te zijn.
-Niertumor is een vorm van chronisch nierfalen, omdat deze tumor tijd nodig
heeft om zich uit te zaaien, voordat de symptomen merkbaar zijn.
Verschijnselen die kunnen wijzen op een nieraandoening of -ziekte zijn (10):
Vochtophoping; Bij aandoeningen waar de nierfilters bij betrokken zijn, zie je
vochtophoping. Als die groot is, ontstaan gezwollen armen, benen of gezicht.
Maar deze symptomen hoeven niet altijd te wijzen op een nierziekte.
Grote hoeveelheden moeten plassen; Als de nierbuisjes zijn aangetast, worden
vaak grote hoeveelheden urine geproduceerd. Maar dit verschijnsel kan ook wijzen
op andere ziekten, zoals hartziekten en suikerziekte.
Vaak moeten plassen; Vaak plassen kan het gevolg zijn van infecties van de
urinewegen. Het plassen is dan meestal ook pijnlijk.
Abnormale urine; Als urine vies ruikt, gaat het meestal om een infectie: blaas-
en/of nierbekkenontsteking. Plas die heel veel schuimt kan wijzen op
eiwitverlies door slecht werkende nierfilters. De urinekleur kan heel
verschillend zijn. Geconcentreerde urine is donkerder. Zeer donker gekleurde of
rode urine wijst mogelijk op bloedverlies.
Pijn; Ziekten in de nier geven bijna nooit pijnklachten. Pijn bij plassen en/of
pijn in de nierstreek wijst meestal op een urineweginfectie. Het kan ook een
nierkoliek zijn: een hevige pijnaanval in de nierstreek die vaak uitstraalt naar
de geslachtsdelen. Dat is bijna altijd het gevolg van nierstenen.
Hoge bloeddruk; Zieke nieren kunnen bloeddrukverhogende hormonen produceren.
Omgekeerd kan een hoge bloeddruk nierziekten veroorzaken.
Onderzoek
De studente Anouschka Ashruf moest een enquêteformulier samenstellen en
tenminste vijftig personen met nierziekten hiermee enquêteren. Er was bij deze
personen sprake van nierfalen, waarbij gedialyseerd moet worden. Ook moest ze
een vragenlijst produceren en tenminste vijf deskundigen interviewen.
Ze enquêteerde 52 personen, 34 (65,4 procent) mannen en 18 (34,6 procent)
vrouwen. Van deze geënquêteerden waren vijftien (28,8 procent) hindostanen en
zowel tien (19,2 procent) creolen als tien (19,2 procent) javanen. Zeven (13,5
procent) personen behoorden tot de gemengde bevolkingsgroep, vier (7,7 procent)
waren marrons, 1 (1,9 procent) inheems, terwijl drie (5,8 procent) tot de
overige bevolkingsgroepen behoorden.
Kijken wij naar de leeftijdsgroep van de geënquêteerden dan blijkt dat 28 (53,9
procenr) tussen 41-60 jaar zijn. Zestien (30,8 procent) personen behoorden tot
de groep 21-40 jaar, zeven (13,4 procent) was ouder dan zestig jaar en één (1,9
procent) was jonger dan twintig jaar.
Van deze geënquêteerden hadden 32 (61,5 procent) suikerziekte. De grootste groep
waren de hindostanen. 11 (73,3 procent) van de vijftien geënquêteerde
hindostanen gaven toe suikerziekte te hebben.
Wat hoge bloeddruk betreft waren er in totaal 28 (53,8 procent) personen. Vijf
(50,0 procent) van de tien creolen gaven dit toe. Op de vraag 'Hebt u
familieleden die nierziekten hebben en ook dialyseren?' gaven dertien (25,0
procent) 'Ja' als antwoord. Opvallend was 51 (98,1 procent) wisten met een
nierziekte te doen te hebben en dat nierdialyse van belang is, maar 35 (67,3
procent) wist niet met welke nierziekte ze precies te doen hebben.
Patiënten die dialyseren moeten ontzettend op hun voeding letten, maar op de
vraag 'Eet u buitenshuis?' blijkt dat 32 (61,5 procent) dat doet. Van deze
personen eet 44,3 procent op andere plaatsen dan bij familieleden en vrienden.
Buitenshuis eten heeft vaak genoeg teveel eiwit, teveel vet en te veel zout. Dit
zijn aspecten waarmee dialysepatiënten wel degelijk rekening moeten houden en
daarom buitenshuis eten zoveel mogelijk moeten minimaliseren. Tien (19,2 procent)
gaven toe elke dag vlees te eten, vier (7,7 procent) eten dagelijks vettig,
terwijl acht (15,4 procent) elke dag bruin brood consumeert. Hoe donkerder het
brood, hoe meer kalium het brood bevat. Aangezien dialysepatiënten moeten letten
op hun kaliuminname, is het noodzakelijk dat er voorlichting wordt gegeven over
de hoeveelheden die genuttigd mogen worden. Anouschka is van mening dat het
noodzakelijk is dat dialysepatiënten regelmatig een diëtiste bezoeken, gelet op
het strenge dieet waaraan ze zich dienen te houden. Artsen moeten deze patiënten
naar een diëtist verwijzen en het zou goed zijn als diëtisten verbonden zijn aan
het dialysecentrum.-.
Referentie
1.http://nl.wikipedia.org/wiki/Nieren
2.http://nl.wikipedia.org/wiki/Nierziekte
3.http://nl.msnusers.com/Gevenbijleven/denieren.msnw
4.http://www.nierstichting.nl/ziekte/overnieren/hoewerkendenieren/index_html
5.http://nl.wikipedia.org/wiki/Urineweginfectie
6.http://www.nierstichting.nl/ziekte/nieraandoeningen
7.http://www.gezondheidsplein.nl/aandoeningen/140/Nierstenen.html
8.http://nl.wikipedia.org/wiki/Nierfalen
9.http://www.nutricia.nl/medisch/asp/show_subject.asp?id=12049#ns12574_1027601226810
10.http://www.nierstichting.nl/ziekte/overnieren/hoeherkenjeeennieraandoeningofziekte
11.http://renux.dmed.ed.ac.uk/EdREN/EdRenINFObits/Diabetic_nephLong.html
12.http://en.wikipedia.org/wiki/Kidney_stone(
13.http://images.google.com/images?hl=en&q=kidney+stones&btnG=Search+Images&gbv=2
14.http://kidney.niddk.nih.gov/kudiseases/pubs/proteinuria/
15.http://www.dialysis.be/wetens/wet01-07.html
23/06/2008
| |
|